Flashback ‘retrieverdag’

Omdat honden welkom zijn in Pakawi Park zetten we dat graag in de kijker. Zo was ook de ‘retriever-dag’ in augustus een succes te noemen. Mogelijk houden we in de toekomst meerdere rassendagen per jaar, hou het in de gaten zodat ook jij met je trouwe viervoeter eens op één van onze rassendagen kan langskomen. Maar ook op de dag van het therapiedier op zaterdag 18 November is iedereen welkom, zonder meerkost.

Therapiedier;

Dieren hebben vaak een therapeutische invloed op mensen, of het nu onze eigen huisdieren zijn of als we verwonderd zijn door wilde dieren. Daarom bundelt Pakawi Park de krachten met Toscanzahoeve om op zaterdag 18 november de Dag van het therapiedier te organiseren in Pakawi Park, waarbij honden altijd welkom zijn. Je kunt deelnemen aan een of meerdere workshops of lezingen op die dag zonder extra kosten. We vragen je echter wel om je even in te schrijven, zodat je verzekerd bent van een plek. Meer informatie over het hoe en waarom van deze dag vind je HIER.

https://www.toscanzahoeve.be/

Omdat dieren vaak therapeutisch werken voor mensen of gewoon plezier en betekenis brengen, krijgen huisdieren veel aandacht in onze samenleving. Niet iedereen kan echter een huisdier onder optimale omstandigheden houden. Daarom zijn er centra die therapiedieren kunnen bezorgen, bijvoorbeeld in scholen, rusthuizen of andere centra.

Ook dierentuinen spelen soms een vergelijkbare rol in dit opzicht. Wilde dieren zijn immers geen huisdieren, maar ze kunnen ook mensen inspireren, hoop geven of tot rust brengen, en zijn daarom soms ook therapeutisch.

Om deze overlap te benadrukken, organiseren we in Pakawi Park de Dag van het therapiedier, waarbij Inge Pauwels van Toscanzahoeve beschikbaar is voor enkele workshops. Het werken met therapiedieren vereist immers ook kennis van hondengedrag, en dat willen we delen met onze bezoekers, met of zonder hond aan hun zijde. Je kunt kiezen uit een workshop hondenfitness, een begeleide wandeling met uitleg over gedrag en socialisatie, en een workshop speuren en denkspel. We kaderen deze dag in ons ‘Pakawi Education Centre’ waarbij het de bedoeling is de bezoeker op een plezierige manier iets bij te leren.

  • Ontvangst vanaf 10:00
  • 10:00 – 12:45 Doorlopend info diensten Toscanzahoeve en kennismaking Therapiedier
  • 10:15 – 11:00 Speuren en hondenwandeling
  • 11:00 – 12:00 Hondenwandeling
  • 11:00 – 15:30 Hondenfotografe Carine Baldewijns
  • 12:00 – 12:45 Fitness en hondenwandeling

Schrijf je vrijblijvend in door een e-mail te sturen naar info@pakawipark.be met als onderwerp ‘Dag van het therapiedier’ en geef aan welke workshops of lezingen je graag wilt bijwonen. Op de dag zelf kun je aansluiten als er nog plaats is, maar dat is niet gegarandeerd, dus vrijblijvend inschrijven wordt sterk aanbevolen. Deze informatie wordt gedeeld met de betrokken instructeurs.

Een dag om dierenverzorgers te waarderen

Internationale Dierenverzorgersdag is een jaarlijks evenement dat wordt gevierd om erkenning en waardering te tonen voor toegewijde dierenverzorgers over de hele wereld. Deze dag valt op 4 oktober, samen met Werelddierendag. Dit is logisch, aangezien zij zich het hele jaar door inzetten voor dieren, niet alleen op Werelddierendag.

Dierenverzorging is geen 9-tot-5-baan. Zelfs als je klaar bent met je werk, ben je in je gedachten nog steeds bezig met vragen als ‘wat kan er beter’ of ‘waar moet ik morgen op letten’. Ervaring zorgt ervoor dat deze mensen vaak op tijd kunnen ingrijpen, bijvoorbeeld om de voortplanting te bevorderen of negatieve interacties te voorkomen. Ze kunnen vaak subtiele gedragsveranderingen bij dieren opmerken, waardoor de dierenarts misschien nog kan helpen.

Zonder attente verzorgers die letten op gedrag, voeding, nestplaatsen en meer, zouden we niet zo veel bijzondere geboortes hebben gehad, zoals fossa’s, beermarters, vasa-papegaaien, blauwkeelgoeans, bonte vari’s, ibissen en kraaghagedissen, om er maar een paar te noemen.

Jimmy is teamleader en aanspreekpunt voor alles rond vogels.

We kunnen voor leuke diersoorten zorgen, maar zonder de verzorgers zijn we niets. We willen dan ook alle verzorgers die zich dag in dag uit inzetten, hebben ingezet of zich in de toekomst zullen inzetten, van harte bedanken. Geef ze vandaag gerust een schouderklopje, want zij hebben ervoor gezorgd dat we tot op de dag van vandaag een leuke, educatieve collectie hebben, waarvan we hopen dat de volgende generatie geïnspireerd raakt om het nog beter te doen op het gebied van dierenwelzijn, duurzaamheid en educatie.

Dieter is ook teamleader en aanspreekpunt voor zoogdieren en reptielen.

Het moet ook gezegd worden dat de baan niet altijd rozengeur en maneschijn is. Ondanks dat we de beste verzorgers hebben is er altijd teleurstelling, verdriet, ziekte of verlies. Zonder dood is er geen leven en zonder pijnlijke of moeilijke momenten zouden we niet zo trots zijn op de successen die we behalen. Je moet dus ook tegen een stootje of onaangename geuren kunnen om dierenverzorger te zijn. Knuffelen is geen dagelijkse taak, sommige dieren zijn ronduit gevaarlijk en niet ‘dankbaar’ voor hun verzorger. Ook deze dieren verdienen onze zorg.

Dat wij de beste dierenverzorgers hebben is ook voor de buitenwereld duidelijk. Onze mensen zijn al uitgeweken naar allerlei andere dierentuinen, dierenparken of scholen. Wij hopen dat ze toch een stukje van hier meedragen in hun verdere carrière. Er studeren jaarlijks nieuwe mensen af, die ook een kans verdienen.

Ben jij een van die jongeren die overweegt om met dieren te werken? Dan willen we nu alvast de tip geven dat er in Pakawi Park op 18 november, ter gelegenheid van de Dag van het Therapiedier, een voordracht zal zijn van Dorien Claes. Zij zal spreken over de opleiding dierenzorg, waarin ze al vele jaren een zeer actieve rol speelt. Verder zullen er die dag workshops zijn over omgang met honden, in samenwerking met Toscanzahoeve. Binnenkort kunnen we meer informatie hierover verstrekken, dus zorg ervoor dat je deze datum alvast vrijhoudt in je agenda.

Madagaskar heeft al een speciaal plaatsje in ons hart want onze lemuren zoals de ringstaartmaki, de bonte vari, de rode vari en de witkopmaki zijn al goed vertegenwoordigd. Maar ook de grote vasa papegaai, de kleine egeltenrek en de dumerils grondboa zijn endemisch aan Madagaskar. Nu is er een Malagassiër bijgekomen in de vorm van een hondskopboa.

De Madagaskar hondskopboa (Sanzinia madagascariensis) is een zeer mooie slang met een groen en wit patroon als ze volwassen zijn. Als baby zijn ze rood met wit. Dieren die een andere kleur of tekening hebben als volwassen dier dan als baby hebben een zogenaamde ontogenetische kleuromslag. Dikwijls is dat een aanpassing aan de omgeving waarbij baby’s beter beschermd zijn door een andere kleur kwestie camouflage of waarschuwingskleuren.

Andere boombewonende pythons en boa’s hebben dat soms ook, baby’s van de echte hondskopboa uit Zuid-Amerika zijn ook rood van kleur. De groene boompython uit Indonesië en Papua Nieuw-Guinea heeft dan weer óf rode óf knalgele jongen. Dat dezelfde kenmerken onafhankelijk van elkaar ontstaan, gebeurt vaker als iets een groter overlevingsvoordeel biedt. Dit noemen we convergente evolutie.

Sanzinia’s zijn slangen die beschermd zijn door CITES I en ze hebben zelfs een eigen Europees kweekprogramma (EEP).

Onze Sanzinia’s zijn nu 3 jaar oud en groot genoeg om in hun verblijf te kunnen. Je vindt ze in het reptielenhuis nabij het bootjesbad. Een klein plekje Pakawi Park dat sommige mensen moeilijk vinden maar dat zeker de moeite waard is om ze te (be)zoeken.

De bizons zijn helaas moeten vertrekken uit ons park, maar met een goede reden. Meer ruimte voor de savannedieren drong zich op.

Soms kies je beter om een diersoort te laten gaan ten voordele van het welzijn van anderen. Recent zijn enkele groepen van savannedieren herschikt en nieuwe individuen brengen ook altijd nieuwe relaties met zich mee. De gnoe kreeg 2 vrouwtjes erbij, waardoor hij nu dé man is. De waterbok, vanuit het natuurhulpcentrum, kwam ook bij 2 vrouwen terecht en denkt ook dat hij dé man is. De impala kwam hier ook bij 2 vrouwen terecht en trekt er zich niks van aan dat hij de kleinste is. Ondanks het feit dat ze gelukkig geen interesse hebben in elkaars vrouwen moeten ze blijkbaar toch de macho uithangen door elkaar wat te bekampen. Dat is niet zo’n groot probleem als er ruimte genoeg is en de dieren ook wat uit elkaars weg kunnen gaan. En de echte mannen, onze drie bachelor algazellen, vinden dat natuurlijk ook wel ok. En dan heb je nog de zebra’s die alle nieuwkomers komen lastigvallen omdat ze hen niet kennen.

Het perk van de bizons is nu opengesteld voor de savannebewoners die al aan de zuidkant van het savannegebouw zaten, maar in een later stadium komen de algazelles er ook gezellig bij samen met de zebra’s. zij zitten nu aan de Noordkant samen met de olifant en de giraffen maar kunnen straks onder de brug weer héél de savanne benutten.

Wij kruisen onze vingers dat alles nu in relatieve harmonie zal samenleven, voor de dieren is het allemaal een goede verrijking dat er telkens wat verandert en er telkens nieuwe relaties ontstaan. Een beetje sparren hoort er al eens bij maar pestkoppen worden aangepakt en moeten even in het strafhoekje.

Dit is een spreekwoord dat eigenlijk wil zeggen dat de kinderen vaak op de ouders lijken, maar wij bekijken dat weer anders natuurlijk. Want raven en kanarievogels hebben ook iets gemeen; het zijn namelijk beide (raar maar waar) ‘zangvogels’.

Niet alle zangvogels zijn kleine en mooi gekleurde vogeltjes met een engelenzang. Raven staan eerder symbool voor het duistere en occulte, voor dood en verderf en als een slecht voorteken. Maar het is onze taak als dierentuin om folklore een beetje bij te stellen, zonder de waardevolle geschiedenis en de mythologische betekenis te vergeten uiteraard. Raven verdienen net zoals alle andere dieren ook positieve aandacht. Vanaf nu wordt het oude neusberenverblijf bezet door een koppel raven die het alvast leuk vinden om het hele terras in de gaten te houden.

De wilde raaf zou in onze streken een welkome ‘grote’ aaseter zijn, want door het gebrek aan aaseters zoals gieren en hyena’s zijn in onze streken vossen, marters, kraaien en vliegen maar enkele voorbeelden van dieren die in groten getale kunnen voorkomen omdat ze weinig concurrentie hebben. Hoe meer divers een ecosysteem is, hoe minder kans dat sommige soorten overdreven veel gaan voorkomen. Hoe sneller lijken door aaseters opgeruimd worden, hoe minder kans ook op de verspreiding van ziektes.

Vele mensen hebben het moeilijk met het verschil tussen raven, kraaien, roeken en kauwen maar toch zijn het allemaal weer andere soorten met elk hun eigen kenmerken. Wat de kraaiachtigen wel gemeen hebben, is een ongelooflijke intelligentie. Raven zijn vogels die bewezen hebben dat ze met elkaar kunnen communiceren over zaken die ergens anders plaatsvinden (displacement). Met andere woorden een raaf kan uitleggen aan een andere raaf dat er op een andere locatie gevaar schuilt of dat er iets te vinden is. Bijvoorbeeld jonge raven gaan andere jonge raven halen om zo met een grotere groep te zijn om een volwassen koppel territoriale raven van een kadaver weg te jagen. De intelligentie van deze dieren beginnen we nog maar net te begrijpen en er valt ongetwijfeld nog veel te ontdekken.

Dat ze zo slim zijn betekent wel dat de verzorgers ze moeten bezighouden met soort specifieke verrijking. Het oplossen van problemen is hun sterkte dus moeten de verzorgers méér problemen kunnen verzinnen dan dat de raven ze kunnen oplossen.

Beter weer komt met een baby binturong (of beermarter) hier in Pakawi Park! 5 Augustus wou mama Mayumi niet uit de nestbak komen, al snel werd duidelijk waarom! Eind augustus verwachten we dat het jong de eerste stapjes buiten zal zetten dus kom zeker kijken, misschien zie jij het als eerste?

Lees meer

Jonge bonte vari’s en jonge capibara’s hebben we al gehad dit jaar. De reacties zijn vaak “OOOH wat schattig” bij deze diersoorten. Maar ook minder ‘schattige’ diersoorten hebben leuke baby’s.

De stekelvarkens hebben ook weer 2 baby’s ter wereld gebracht. De jongen komen hier kant en klaar ter wereld, dus geen roze wormpjes zoals bij sommige andere knaagdieren zoals eekhoorns of ratten. Bij stekelvarkens lopen de jongen direct rond met de oogjes open, net zoals bij capibara’s en andere cavia-achtigen. Alleen hebben stekelvarkens ‘stekels’. Gelukkig voor de moeder zijn deze zacht bij de geboorte en worden ze pas na enkele dagen hard.

Stekelvarkens hebben, met hun zachte stekeltjes, toch nog een relatief hoge ‘aaibaarheidsfactor’. Bij reptielen is dat vaak al wat minder, maar daarom zijn ze niet minder ‘mooi’. Bij de gele anaconda zijn er ook weer baby’s geboren, deze slangen zijn eierlevendbarend, dat wil zeggen dat ze levende jongen ter wereld brengen bij een geboorte bijna zoals bij zoogdieren. In werkelijkheid zijn het eigenlijk de (erg dunne) eieren die uitkomen direct na het leggen.

Een andere Zuid-Amerikaanse slang heeft zich ook kunnen voortplanten in Pakawi Park, eentje die wat zeldzamer gekweekt wordt, en dat is de kippenslang. Kippenslangen zijn geen dikke wurgslangen die kippen opeten, maar erg slanke niet giftige slangen die vaak rond het kippenhok te vinden zijn om kleine knaagdieren en vogels te vangen die op het voer van de kippen afkomen. Deze slang legt wél eieren die uitgebroed moeten worden. Helaas is er maar één jong succesvol uit het ei gekomen, maar onder het motto ‘ééntje is beter dan geentje’ zijn we er toch erg blij mee.

Om af te sluiten zijn er nog ‘minder’ geliefde dieren die zich voortgeplant hebben. Aziatische bosschorpioenen zijn van niet veel mensen dé favoriet, al zijn er toch steeds meer mensen die in het algemeen de minder bekende dieren wel steeds leuker vinden. Wie vindt deze moeder die haar kroost beschermd door haar jongen op de rug te nemen nu niet uberschattig?

Dat we nu net het snelste landdier ter wereld moeten tonen met drie poten lijkt niet zo ideaal. Toch zijn we fier dat we cheeta Speed door een moeilijke periode getrokken hebben en dat hij nu pijnvrij door het leven kan. Lees hier meer.

Lees meer

Vele dieren hebben amfibieën in hun natuurlijk dieet. Denk aan reigerachtigen, ooievaarachtigen, wasbeerachtigen, otters en dergelijke meer. En dat is nu net iets wat zeer moeilijk verkrijgbaar is als een commercieel dierenvoeder. Daarom kwamen we op het idee om afgevangen stierkikkers, die een invasieve exoot zijn in onze streken, te gebruiken als voedselverrijking voor onze dieren. De stierkikkers komen oorspronkelijk uit Amerika en horen in onze streken niet thuis. Ze eten lokale diertjes op en worden zelf niet voldoende opgegeten door onze inheemse roofdieren. Als we niets doen zal deze soort dus verder en verder uitbreiden ten koste van vele andere soorten die zullen verdwijnen.

We werken samen met het life-project 3n-stierkikker van PXL Hasselt die zich focussen op het uitzetten van steriele kikkers in combinatie met het afvangen van de dieren. Hiervoor werken zij op hun beurt samen met de mensen van Natuurwerk VZW, een sociale en duurzame vereniging die zich inzet voor natuurbehoud.

De belangrijkste factor om dit project een kans te geven voor ons is de factor voedselverrijking. Dieren nieuwe en vreemde elementen geven in hun voeding is één aspect van verrijking. Verrijking is alles wat we doen om dierentuindieren hun leven niet eentonig of saai te laten verlopen.

Amerikaanse predatoren zijn samen geëvolueerd mét de stierkikker, maar onze inheemse predatoren niet. Ze eten daarom de stierkikkers niet graag. Enerzijds hebben ze er geen zoekbeeld voor en zijn de kikkers véél groter dan wat zij kennen. Anderzijds smaakt de kikker een beetje onherkenbaar vies voor hen. En dat is exact hetzelfde voor de dierentuindieren. Het experiment gaat ons laten zien of de dieren de nieuwe prooidieren gaan ‘leren’ eten. Bij de Chinese wolhandkrabben was dat ook het geval, maar daar ging de gewenning veel sneller.

Je zou denken dat het een probleem is dat de dieren hieraan moeten wennen, of het zelfs niet graag eten. Maar dat is nu net wat voedselverrijking ook verrijking maakt. Nieuwe prikkels, uitdagingen en problemen oplossen zijn nodig voor dierentuindieren.

Een bak vol met dieren ijsjes.

Daarom doen we de kikkers nu in gemengde ijsjes waar ook voedselitems inzitten die de dierentuindieren al wél kennen. Door de ijsjes te manipuleren en eraan te likken gaan ze ook de smaak van de stierkikkers misschien meer te pakken krijgen.

Als onze dieren ze niet graag leren eten voorspelt dat niet veel goeds voor de verspreiding van de stierkikker in onze streken, want dan zullen ook onze inheemse roofdieren de kikkers niet snel leren eten. De stierkikker zelf eet echter alles wat in zijn mond past en is een groot gevaar voor inheemse kleine dieren die in en rond het water leven, zoals onze eigen inheemse kikkers bijvoorbeeld.

Enkele links naar andere artikels over de samenwerking:
RTV: https://www.rtv.be/artikels/pakawi-park-gebruikt-invasieve-stierkikkers-en-larven-als-voedsel-a132411
GVA: https://www.gva.be/cnt/dmf20230622_94103989

Dat de jonge bonte vari’s in het begin moeilijk zichtbaar zijn heeft alles te maken met hét grote verschil tussen bonte vari’s en bijvoorbeeld ringstaatmaki’s (onze andere lemuren). Ringstaarmaki’s dragen, net zoals vele andere primaten, de jongen constant mee op de rug of de buik. Bonte vari’s daarentegen hebben een andere techniek. Zij plaatsen de jongen namelijk in een soort nest. Gedrag dat we eerder kennen van vogels en sommige minder nauw verwante zoogdieren zoals sommige knaagdieren en roofdieren. Deze leggen hun jongen echter vaak in een hol of een grot. Maar de bonte vari’s kiezen allerlei plaatsen zoals tussen de begroeiing of in een boomholte. Ze kiezen meerdere nesten zelfs, want als de groep gaat foerageren (naar voedsel zoeken) worden de jongen verplaatst van nest naar nest zodat ze toch altijd niet té ver weg zijn van de moeder. Deze vorm van ouderlijke zorg noemen ze ook wel het ‘parkeren’ van jongen.

Onze nieuwsgierige kleintjes in actie!

Je jongen in een nest achterlaten heeft risico’s natuurlijk. Als een predator, zoals bijvoorbeeld de fossa, een nest vindt zijn de jongen een makkelijke prooi. Maar anderzijds moet de moeder de jongen niet zichtbaar meedragen en is ze veel mobieler als ze voedsel zoekt. Hierdoor zijn de jongen minder snel gespot door en roofdier. En er is nog één bijkomend voordeel, als je jongen aan je lichaam hangen dan zijn één of twee jongen wel het maximum. Bonte vari’s kunnen daarom makkelijk 3 jongen hebben, ook al is dat deze keer niet het geval.

Bonte vari’s blijven best lang in de groep van de ouders, zelfs tot na de geboorte van de volgende baby’s. Maar nu zijn de zwartwitte pluisballetjes wel op hun mooist, dus kom ze zeker bewonderen bij ons in Pakawi Park.